Van waar die prosternatie voor de virologen?



Vivaldi is de weg ingeslagen van politieke recuperatie. De omvang van de collaterale schade is zo immens dat we ons niet van de indruk kunnen ontdoen dat de kritiek van de De Croo aan het adres van Van Ranst moet worden gezien als controlled damage control. Maar niet voor niks bestaat het woord beleid uit dezelfde letters als debiel. Want is het niet het blind kritiekloos volgen van de virologische messias die leidt tot een angstwekkend wegkwijnen van alle vermogens waarmee wij op de wereld gericht zijn - om te beginnen met de gemeenschapszin en het gezond mensenverstand, waarmee we ons in de gemeenschappelijke wereld oriënteren, tot onze zin voor schoonheid of onze smaak, waarmee we de wereld liefhebben?


De blinde aanbidding van de fossiele minister van gezondheid voor de virologen is een collectieve kastijding zonder voorgaande. Nu opnieuw: u MAG nog één hobby hebben. O wat een goedgunstigheid valt ons toch ten deel. Hallelujah, de Heer laat zijn licht genadig op u schijnen maar aangezien ge zijn hand of voet niet kunt kussen, doe dat maar bij die van zijn aardse representanten, die toch niet in hem geloven. Weliswaar met mondmasker en op veilige afstand. De aloude prosternatie. Voor wie dat niet kent: de manier om de Perzische Koning der Koningen te begroeten, uw façade tegen de grond gedrukt samen met uw hele lijf, bereidt om vertrappeld te worden indien het Zijne Goedgunstigheid behaagt.


Juicherdejuich, iedereen nog één hobby. Weliswaar met maximum tien. Want elf is te veel. Voetballen: geschiedenis. Koorzang: leve de triootjes en kwartetjes. Weliswaar met (dubbel? drievoudig?) mondmasker. Maar in ieder geval: eindelijk gelijkheid in dat discriminerende hobbywereldje waar de geprivilegieerden er meerdere op nahielden en de onderdrukte achtergestelden alleen tv konden kijken. Of fun shoppen op betogende wijze.


Beste micromanagende overheid, u bent een hele generatie kinderen aan het verkloten. Om van de rest van de maatschappij maar te zwijgen. En dat terwijl er ook verstandiger manieren waren om een probleem te benaderen dat de mensheid al heel haar bestaan teistert (ziekte en dood).


De theorie van de autocorrectie

Mr. Verstraeten maakte in zijn analyses in De Buiten Parlementaire Commissie in Nederland eerder al verschillende studies kenbaar die een andere situatie over lockdowns schetsen. Een studie van de gerespecteerde medicus en epidemioloog van de Stanford University, John Ioannidis, toont aan dat de efficiëntie van zware lockdowns niet kan bewezen worden met de gegevens die nu voorhanden zijn.


Een belangrijke vaststelling van Ioannidis is dat besmettingscurves vanzelf dalen omdat mensen vanzelf hun gedrag aanpassen tijdens een epidemie. En dat het aantal besmettingen al daalt voor de invoering van lockdowns.


Een blik op de Belgische besmettingscurve tijdens de tweede golf toont hetzelfde verhaal. Het aantal besmettingen in België piekte op 27 oktober. De lockdown werd ingevoerd op 30 oktober. We gaan even terug naar augustus, toen Geert Molenberghs een nota voorstelde met minimaal 60.000 doden, en maximaal een half miljoen doden als worst-case-scenario. Molenberghs zegt nu zelf dat dit scenario onrealistisch is, omdat de bevolking uit paniek zelf haar gedrag zou aanpassen. Sterker nog, volgens Molenberghs zijn uitspraken over het aantal doden bijzonder moeilijk.


En wat de zogenaamde kern van het probleem betreft, de solidariteit tussen de oudere en de jongere generaties: als oudere zal ik wel solidair met hen zijn door van hen weg te blijven (social distancing, zegt het u nog iets na een jaar?), ook al doet dat ons beiden emotioneel wat pijn. Ik neem die verantwoordelijkheid zelf wel. Maar ik verwacht niet dat zij stoppen met leven omdat ik niet kan omgaan met mijn sterfelijkheid.


Dat een bepaald aantal doden door een samenleving ook kan worden geaccepteerd, en geen argument is voor een lockdown, wordt niet in overweging genomen. Blijkbaar was de redenering dat doden aanvaardbaar zijn tijdens een epidemie wél de afweging die in de 20e eeuw werd gemaakt.


Laten we de Spaanse Griep buiten beschouwing, dan kenden we in ons land na de Tweede Wereldoorlog volgens deze officiële studie erg dodelijke epidemische maanden in januari 1951 (178 doden per 100.000 inwoners), februari 1960 (168 doden per 100.000 inwoners), januari 1970 (148 doden per 100.000 inwoners), december 1989 (134 doden per 100.000 inwoners), april 2020 (134 doden per 100.000 inwoners) en november 2020 (122 doden per 100.000 inwoners, eigen berekening). Zo vergeleken, valt covid-19 nogal mee?


De vele cijfers pro en contra lockdowns verhullen echter het grote ethische debat dat ontbreekt over covid-19. Meer doden aankondigen om de samenleving open te houden, is een boodschap die niemand op zich wil nemen, maar zou wel degelijk bespreekbaar moeten zijn.


Wanneer je doorvraagt, dan krijg je wel antwoorden van wetenschappers die suggereren dat het lockdownantwoord een paniekreactie is, en eigenlijk niet zo’n goed idee is. Neem nu het voorbeeld van Fabrice Bureau, de Luikse immunoloog die het sneltestsysteem heeft ontwikkeld.


Wie jong is, heeft een ‘zeer kleine kans om letsel of dood te riskeren’

Bureau zegt openlijk dat ‘covid-19 met twee miljoen doden wereldwijd een relatief ongevaarlijk virus is voor de mensheid’. En dat ‘met vier basisregels de epidemie binnen de perken kan worden gehouden: handen wassen, binnen een chirurgisch mondmasker dragen, afstand bewaren tot mensen, en als je ziek bent geen oude of kwetsbare mensen opzoeken’. Wie jong is, heeft een ‘zeer kleine kans om letsel of dood te riskeren’, aldus Bureau. Ook de nota van Molenberghs, met tijdelijke cijfers, duidt op een lage Infection Fatality Rate voor mensen onder de 65. En zeker voor wie jonger is dan 45.


Ook Steven Van Gucht stelt dat jonge mensen een relatief kleine kans op overlijden hebben, maar soms wel ernstig ziek kunnen worden of langdurige klachten kunnen ontwikkelen. ‘We kunnen niet verklaren waarom het virus soms hele milde ziekte veroorzaakt en soms juist heel agressief uithaalt’.


Er zijn tal van wetenschappers die hetzelfde zeggen. Covid-19 verdient waakzaamheid, maar jonge mensen hoeven eigenlijk niet veel te vrezen. Zij kunnen als ze hun verstand gebruiken kwetsbare en oude mensen beschermen. Dat geen van hen dit echt officieel wil zeggen, duidt op een diepgaande terughoudendheid aan Belgische universiteiten. De publieke afstraffing die wetenschappers zoals Lieven Annemans en Jean-Luc Gala te beurt viel in de media, zijn voor velen een waarschuwing dat ze beter deze materie onaangeroerd laten.


De beleidsconsensus dat covid gevaarlijk is en een lockdown nodig is, is geen wetenschappelijke consensus


Een groot complot is dit niet. Gewoon een complex geheel van menselijke verhoudingen, angsten en politieke reputaties. Hoe het Belgische beleid tot stand is gekomen en op deze weg voortgaat, daarover heeft Fabrice Bureau een metafoor. ‘Het beleid is als een trein die in april is vertrokken, en die eenmaal vertrokken, moeilijk te stoppen is’. Enkele wetenschappers die in de bovenstaande link voor een ander beleid pleitten, en waarmee de auteur van dit stuk informeel gesproken heeft, zeggen ook vaak hetzelfde: de beleidsconsensus dat covid gevaarlijk is en een lockdown nodig is, is geen wetenschappelijke consensus.


Wat de lockdown dan wel rechtvaardigt? Volgens Fabrice Bureau vindt onze democratische samenleving het onaanvaardbaar dat mensen niet de zorg zouden kunnen krijgen die ze nodig achten om hun leven te redden, en draagt die ingesteldheid bij tot lockdowns.


Ook historicus Bert De Munck van de Universiteit van Antwerpen spreekt zich openlijk uit, en wel om een historisch perspectief aan te brengen. De Munck: ‘De oversterfte is aanzienlijk hoger dan wat sceptici aanvankelijk dachten. Maar dat wil niet zeggen dat het om een “één keer op één eeuw-pandemie” gaat, zoals vaak wordt beweerd. Tot dusver geven de cijfers eerder aan dat het gaat om een pandemie zoals al enkele keren in de 20e eeuw is voorgekomen. De vaak gemaakte vergelijking met de Spaanse griep gaat alleszins niet op. Toen waren er naar schatting wereldwijd 20 tot 50 miljoen slachtoffers, terwijl we nu rond de 2 miljoen zitten. En dat op een wereldbevolking die intussen ongeveer verviervoudigd is’.


De vaststelling dat onze hang naar controle over ziekte en gezondheid ook sterk is toegenomen


Vergelijken blijft natuurlijk moeilijk. Enerzijds weten we niet hoeveel doden vermeden zijn door de maatregelen en een verbeterde gezondheidszorg. Anderzijds is het zeker ook zo dat de toegenomen vergrijzing de impact van een nieuw virus aanzienlijk heeft vergroot. Maar voor mij blijft alleszins wel de vraag gerechtvaardigd waarom we vandaag wél zo drastisch reageren, en vroeger niet. Waarom zijn we bereid om gigantische crisissen te creëren op andere terreinen — mentaal, sociaal, cultureel en politiek — terwijl we vergelijkbare oversterftes hooguit enkele decennia geleden nog gewoon accepteerden? Volgens mij kan je dit enkel verklaren door de vaststelling dat onze hang naar controle over ziekte en gezondheid ook sterk is toegenomen.


De wetenschap heeft spectaculair veel mogelijk gemaakt. In het midden van de negentiende eeuw was de gemiddelde levensverwachting van onze bevolking ongeveer 40 jaar, vandaag 81 jaar. Honderd jaar geleden overleden velen, vooral ook veel kinderen, aan infectieziekten, die via voedsel of water werden overgebracht. Betere drinkwatervoorziening en riolering, betere gezondheidszorg, betere leefomstandigheden, vaccinaties en antibiotica hebben dat gekeerd. Dat is mooi, maar de schaduwzijde daarvan is dat onze afhankelijkheid van de medische wetenschap en medische instellingen en industrie groter is geworden. En dat onze houding ten opzichte van ziekte en dood is veranderd. Medische vooruitgang heeft niet alleen een hogere levensverwachting gebracht, maar ook de verwachting dat we toeval en onvoorspelbaarheid steeds meer kunnen uitsluiten.


Daar komt nog bij dat de medische wetenschap zich in toenemende mate eenzijdig is gaan richten op biologische processen. Mentale processen worden daar ofwel van losgekoppeld, of ze worden er ondergeschikt aan gemaakt. Dat verklaart mee waarom er met de sociale en mentale nevenschade van lockdowns nauwelijks rekening wordt gehouden. En waarom de kwantiteit van het leven vandaag systematisch voorrang krijgt op de kwaliteit ervan. Dat is ook zo binnen de groep van kwetsbaren. Die stelt men geen vragen over wat ze eigenlijk zelf willen. Dat laatste betekent voor mij dat je kritiek op het lockdownbeleid niet zomaar kan wegzetten als een gebrek aan solidariteit. Het gaat eerder om kritiek op de biologische en technocratische benadering van een mensenleven.


Het onbehagen over de toegenomen hang naar controle is ook niet nieuw. Van in de kleuterschool worden kinderen nu gemonitord op een waaier aan cognitieve, psychosociale en motorische vaardigheden. Zodra iemand wat te veel afwijkt van de mediaan, wordt er een heel apparaat van therapieën en trainingen ingezet om daaraan te verhelpen. Afwijken van de norm — de curve — wordt steeds meer als problematisch ervaren. Dat maakt niet alleen dat de levensloop van mensen steeds meer moet worden gestuurd en voorspelbaar gemaakt, maar ook dat we niet meer om kunnen met de grillen van de natuur. Ik ervaar dat in toenemende mate als beklemmend. En dat is ook het verhaal van de lockdown, vrij letterlijk’.


Vraag je echter aan de meeste mensen in een woonzorgcentrum wat ze eigenlijk willen, dan ben ik er quasi zeker van dat de meesten onder hen antwoorden dat ze liever hun kleinkind knuffelen en een zeker risico aanvaarden, dan een jaar lang haast niemand zien’, zegt ook Frederik Feys, kunstschilder, tandarts en doctor in de medische wetenschappen. ‘Maar dat gebeurt niet, want we hebben in de plaats van oude mensen beslist dat ze koste wat het kost 90 jaar moeten worden, mentaal gezond of niet. Ik denk dat onze grootouders meer zijn met een knuffel dan met afstand. Lichamelijk contact versterkt ons mentaal, en dat heeft ook een goede invloed op ons immuunsysteem.


Feys is een buitenbeentje, iemand die in zijn vrije tijd met wetenschappen bezig is. Naar eigen zeggen omdat hij de groeiende greep van de farma-industrie op wetenschappelijk onderzoek niet meer kon aanzien. ‘Wat de farma-industrie interessant vindt, sponsoren ze. Wat ze niet interessant vinden, dat moet je zelf doen. Dat geeft me de vrijheid om op een geheel andere manier naar wetenschap te kijken’.


Voor Feys wordt er te weinig over de fundamenten van de wetenschap gesproken. En de lockdowncrisis is daar een goed voorbeeld van. ‘Ik stel me altijd eerst de vraag wat de aannames zijn in een onderzoek. Zoals met de covid-besmettingen: wat is een covidcase? Ik herinner er mensen graag aan dat in China een covidcase iemand is die én in contact is gekomen met een besmet persoon, én zelf positief test, én zelf ernstige ziektesymptomen heeft. Wij testen in België massaal, ziek of niet ziek. Wie zoekt, die vindt, en covid vind je dan inderdaad massaal. Terwijl je jezelf kan afvragen, los van de ernstig zieke mensen — die je inderdaad moet behandelen — is het niet gewoon krankzinnig en onverantwoord wat we aan het doen zijn? Zieke mensen horen de focus te zijn, maar quarantaine voor gezonde mensen is een vorm van tirannie’.


De moeilijkheid blijft natuurlijk de ziekenhuiscapaciteit. Hoewel een analyse van het Federaal Kenniscentrum Gezondheidszorg erop wijst dat er tijdens de eerste golf tijdens de lockdown fors minder ziekenhuisopnames waren (In 2020: 20 000/week t.o.v. 35 000/week in 2019), mede door het uitstellen van reguliere zorg door de burger zelf, blijft de angst bij onze fossiele minister van gezondheid er goed in zitten, zeker met de berichtgeving van overvolle ziekenhuizen in Londen. In dat licht is het volgende artikel uit het Nederlands tijdschrift voor Geneeskunde uit januari 1999 interessant:


‘Iedere winter opnieuw worden de Britse ziekenhuizen overrompeld door een griepgolf. Dit keer is het erger dan ooit (…) Zelfs de ambulancediensten worden overbelast door paniekerige grieppatiënten die het noodnummer bellen met het verzoek om naar het ziekenhuis te worden gebracht. Een woordvoerder van het New Cross Hospital in Wolverhampton: “Het lijkt de hel wel. Wij hebben mensen op brancards, mensen op de gangen en een opstopping van ambulances voor de poort. Die moeten 15 minuten wachten, alleen maar om binnen te komen.” (…) Het Norfolk and Norwich Hospital heeft een koelwagen gehuurd met ruimte voor 36 lijken, omdat het mortuarium (met 80 plaatsen!) overvol was’.


In hetzelfde artikel schrijft men ook dat er op dat moment in het Verenigd Koninkrijk officieel nog geen epidemie heerst. Daarvoor moeten er 400 gevallen per 100.000 inwoners zijn, zo schrijft men. Voor de volledigheid: in 2020 overtreft het aantal covidgevallen in Londen wel dat epidemische cijfer, ruimschoots.


Wat echter in 1999 ook werd opgemerkt met betrekking tot het Verenigd Koninkrijk: ‘In de jaren zestig waren er in alle ziekenhuizen tezamen 500.000 bedden. Nu (in 1999, dus, red.) zijn het er nog maar 194.000, waarvan 108.000 voor acute gevallen. (…) Daarbij moet men wel bedenken dat de problemen zelfs met een groter aantal bedden niet opgelost zouden zijn. Er zijn immers niet genoeg verpleegkundigen om de patiënten te verzorgen. Volgens de jongste cijfers komt de National Health Service bijna 13.000 verpleegkundigen tekort. Het animo voor dit beroep is bijzonder klein vanwege de lage lonen en de zware werklast’.


De afbouw van ziekenhuisbedden is, 22 jaar later, nog altijd een groot probleem in het Verenigd Koninkrijk. Evenals een tekort aan degelijk opgeleid personeel. In dit persbericht van het Royal Nursing College van juli 2020 spreekt men van een tekort van maar liefst 40.000 verplegers. Bovendien denkt een derde van het verplegend personeel eraan om ontslag te nemen. Twee derde daarvan omdat ze te weinig verdienen. De conclusie van het persbericht luidt dan ook dat door de covidcrisis de spanningen tussen de zorgsector en de overheid zijn toegenomen. Met de tweede golf zijn die tegenstellingen in de Britse samenleving alleen maar scherper geworden, zoals deze recente reportage van CNN nog aantoont.


Deze discussie leeft in meerdere of mindere mate in elk westers land, al lang. De discussie is ook zeer moeilijk, want alleen in crisistijd komt alle frustraties ten volle bovendrijven. Of dat nu een crisis in 1999 is, of een pandemie in 2020. Als we de redenering van ‘te weinig ziekenhuisbedden en personeel’ doortrekken, dan kunnen we ook in lockdown blijven tot er wél voldoende verplegers zijn opgeleid.


Hoewel covid-19 ons voor uitdagingen plaatst, is de ziekte niet het ‘killer virus’ waarvoor in de lente gewaarschuwd werd. Met het stijgende onderzoek naar de maatschappelijke gevolgen van lockdowns, en het onzekere succes van zulke ingrijpende maatregelen, wordt het maatschappelijke krediet voor lockdowns zienderogen kleiner. We hebben het nooit gedaan, waarom nu dan eigenlijk wel?


Deze vraag stellen is de vraag stellen over individuele verantwoordelijkheid. Kunnen we met basisregels het elementaire respect betonen ten opzichte van kwetsbare en oude mensen, of hebben we daarvoor een beleidstrein nodig, een trein die met niet snel van de rails te krijgen is? Met een fossiel, die zichzelf tot een risicogroep rekent, in de besturingscabine is de terminus van deze trein ook nog niet in zicht. Springt u net als de experts aan boord van de beleidstrein, of wandelt u liever zelf?


We mogen ook hopen dat de jeugd wakker wordt en zal beseffen dat zij meerdere keren wordt geraakt. Of mag ik het even politiek fundamenteel incorrect houden en stellen dat de jeugd behoorlijk wordt genaaid. Niet alleen dienen jongeren nu offers te brengen, zij zullen meer dan anderen de factuur moeten betalen. De economische ravage is niet gering, de overheidsuitgaven komen daar bovenop, en die schade zal op termijn door iemand betaald moeten worden. Als je weet dat het aflossen van een vergelijkbare oorlogsschuld 50 jaar kan aanslepen, zegt het u wat? Een factcheck: Groot-Brittannië betaalde op 30 december 2006 zijn laatste twee termijnen van de nog resterende oorlogsschuld van WO II. Pas toen stonden ze hiervoor niet langer in het krijt bij de Verenigde Staten.


Eerder dan te geloven in een virologenmessias, zijn we geneigd te geloven dat de mens zijn lot in eigen handen moet nemen, en vooral: voor zichzelf moet durven denken.


In die optiek wensen wij de jeugd dan ook een heuse mei ’68 in het kwadraat toe. De tijd is rijp om jullie stem luider te laten horen. Hou het vreedzaam, maar bevrijd jezelf, zorg voor lawaai, veel lawaai, en maak er een mooie lente van: herstel de democratie in haar volle glorie en durf ter verantwoording roepen.


En aan de iets grijzere generatie, die verre van onkwetsbaar is voor corona, zou ik het volgende willen zeggen: denk aan onze toekomst, en dat zijn onze kinderen. Als wij een risico moeten lopen omwille van hen, is dat dan niet gewoon onze verdomde plicht?!


____

fractioneel paragrafen en cijfermateriaal van Christophe De Greef

____

Viruswaanzin censureert niet. Uit principe. Dat wil niet zeggen dat we akkoord gaan met de inhoud van de commentaren op dit artikel. We laten ze staan zodat iedereen die kritiek heeft in staat is het debat te voeren. In een democratie zijn we ervan overtuigd dat het woord dat de waarheid uitdrukt, altijd de bovenhand zal halen. Wie denkt dat wij door niet te censureren complotdenkers zijn, is aan wat democratische zelfreflectie toe.

1,979 views26 comments

Recent Posts

See All